'De overheid mag best een stapje harder lopen'

Datum: 2 oktober 2008

Sinds 2001 geeft Harm Post leiding aan Groningen Seaports, de beheerder van de haven van Delfzijl, de Eemshaven en de aangrenzende industrieterreinen. Een megabedrijf, dat hard groeit. Inmiddels ziet Post de havens van Zeebrugge, Antwerpen en Rotterdam als zijn belangrijkste concurrenten. Over hoe hard het is gegaan, de succesformule, de rol van de overheid en het ondernemen aan de rand van een natuurgebied dat genomineerd is als werelderfgoed.

Naast een explosieve groei van het aantal hectares bebouwd industriegebied en het aantal goederen dat overgeslagen wordt, is vooral het aantal hectares industriegebied dat in opties is uitgezet tekenend voor het succes van de Eemshaven, zegt Post. "Het komt erop neer dat er betaald wordt om ruimte te reserveren. Een goed teken dat zoiets hard loopt, want dan heb je de toekomst. We hebben nu 260 hectare uitstaan in betaalde opties."

"De locatie is natuurlijk alles", gaat Post verder, "want als je onlogisch ligt, dan wordt het niks." En toch, vindt Post, is een haven an sich eigenlijk niets. "Het gaat om de logistieke keten. Dát is de business waarin wij zitten. En in zo'n logistieke keten is ruimte en filevrij verkeer cruciaal. Daarom kiezen velen voor de Eemshaven, waar ze zelf de ruimte kunnen kiezen, ze niet ingepast hoeven te worden tussen allerlei anderen, maar waar ook de vrachtwagens door kunnen rijden. Alles wordt in onze branche gerekend in tijd, niet in afstand. Soms denk ik wel eens stiekem: hoe verstopter de Randstad raakt, hoe liever."

Maar de keten maakt nog meer los. Zo ziet de Eemshaven en omgeving steeds meer ICT bedrijven naar zich toe komen. "Waarom? Omdat de ernergiesector er heel goed vertegenwoordigd is. Bedrijven die veel energie nodig hebben zoeken daarom plekken die dichter bij de bron liggen, dat scheelt echt aanzienlijk in de kosten." Maar ook het Midden en Kleinbedrijf spint garen bij de haven. De havenactiviteiten trekken een keur van bedrijven aan, voornamelijk in de onderhouds- en beveiligingssfeer of installatietechniek. De havencomplexen bieden momenteel aan zo'n 6500 mensen werk.

Een ondernemer als Post ziet eerder kansen dan bedreigingen. Zo ziet hij het ondernemen aan de rand van een uniek natuurgebied als de Waddenzee eerder als voordeel dan als nadeel. "De regeldichtheid valt hier echt wel mee, dat is niet eens zoveel erger dan in de rest van Nederland. Nee, ik zie de Waddenzee als ideaal gebied voor de mensen om hier prettig te wonen, te leven en te werken. Groningen is al erg bevoordeeld als woon- en leefgebied; je hebt hier heel veel landschapstypes. Het is dan helemaal geweldig dat je een natuurgebied van werelderfgoed-klasse in je achtertuin hebt om van te genieten."

Dat er aan de boorden van de Waddenzee regels gelden die de natuur beschermen vindt Post geen enkel bezwaar.  "Ook natuurclubs die alles uit de kast halen om hun gelijk te krijgen is niets mis mee." Waar Post wel een probleem mee heeft, en dat zegt hij met de eerste tekenen van ergernis in zijn stem, is de complexiteit van de regels. "Ik merk dat de regels zo ingewikkeld en onduidelijk zijn, dat handhavers niet meer kunnen uitleggen waar op gecontroleerd wordt." Ook de procedures zijn volgens Post vaak onduidelijk. "Ik heb meegemaakt dat een bedrijf aanklopte bij de overheid om een vergunning. Alles in gang gezet, en een jaar later krijgen ze te horen dat de vergunning bij de provincie aangevraagd had moeten worden. Daar zakt je broek echt van af."

Maar ook op het gebied van de innovatie moet de overheid wat meer tempo maken, zegt Post. Verwijzend naar de problematiek van de zeespiegelstijging wijst hij op de plannen van de waterschappen om grote stroken grond rond zeedijken te reserveren. "Dat gaat in een havengebied niet werken, en er zijn tientallen alternatieven in de markt ontwikkeld die hetzelfde effect bereiken. Tot nu toe denkt de overheid daar niet over mee. Dat geldt overigens ook voor initiatieven om de CO2 terug te dringen. Samen met de energiesector zijn we al bijna zover dat we alle CO2 kunnen opvangen en ondergronds op kunnen slaan bij Slochteren. Maar dan moet 't ook kunnen en mogen. Op het moment dat wij er klaar voor zijn zie ik het aankomen dat de overheid nog jarenlang moet debatteren over wie formeel de eigendomsrechten heeft, en waar de vergunning vandaan moet komen. Het mag echt een stapje harder."

Jelle Rijpma
InterWad

Reageer