Datum: maart 2008
"Ja, hallo?" Onmiddellijk herken ik de stem. Aan de telefoon is de op Vlieland getogen zangeres Liesbeth List, na een verzoek om voor deze site een column te schrijven over haar relatie met de waddenzee. - "Ik zing beter dan ik schrijf, dus ik stel voor dat u mij een aantal vagen stelt, en dat u op basis van ons gesprek een stukje schrijft. Anders kost het me een dag." - Voilà.
"De waddenzee is één groot kijkfeest", is haar reactie op de vraag naar haar eerste associatie met het gebied. "Ik ben er opgegroeid. Als dochter van de vuurtorenwachter. Een voorrecht om in zo'n omgeving groot te mogen worden. Je kunt er schreeuwen in de wind, eindeloos ravotten, en er is niemand die je lastig valt." Vlieland wordt zonder een spoor van twijfel aangemerkt als het mooiste waddeneiland. "Bevooroordeeld, misschien, maar die duisternis, het gigantische strand, en vooral dat dorpsstraatje, echt wonderschoon."
Het wonen in het waddengebied, het genieten, de menselijke aanwezigheid, het brengt het gesprek al snel richting de actualiteit en de verhouding tussen natuur en economie."Kijk, mensen zijn geneigd om dingen te gelde te maken, dat is begrijpelijk, maar ik ben blij dat er een tegenwicht is in de vorm van natuurorganisaties. Dat brengt de zaken in balans."
Gaandeweg worden de gespreksonderwerpen concreter. De reacties geven blijk van een grote actualiteitskennis en zijn resoluut van toon. Werelderfgoedstatus: "Helemaal mee eens. Het zijn wonderen, die eilanden in de zee. Fantastisch dat daar mensen op kunnen wonen." Het verdwijnen van de vuurtorenwachters: "Kan ik me voorstellen; al toen de radar zijn intrede deed had mijn vader niets meer te doen." Klimaatverandering en zeespiegelstijging: "Ben ik niet zo bang voor. Zo'n eiland bestaat uit een heleboel zand, hoor. Wat er aan de ene kant afspoelt komt er aan de andere kant weer bij. Een dynamisch proces, dat altijd door zal gaan." Extra regels voor de wadvaarders: "Terecht, die regels zijn er niet voor niets. Niet te dicht bij de dieren komen, en gebieden sluiten als dat nodig is. En als ze de beestjes niet kunnen zien, dan pakken ze maar een verrekijker."
Het gesprek eindigt met een beschouwing over de natuur in zijn algemeenheid, en haar vermogen zichzelf te herstellen. Even verlaat ze het Wad om haar punt te maken: "Neem de olifanten in Zuid-Afrika. Als het er te veel worden kun je ze afschieten, maar volgend jaar worden er gewoon meer jonge olifantjes geboren. Prachtig hè?"
Jelle Rijpma, InterWad